Astrid Verplancke


Welk cliché over je beroep als illustratrice en grafisch ontwerpster zou je graag voor eens en voor altijd tegenspreken?
Dat prentenboeken niet alleen voor kinderen zijn maar ook voor volwassenen.

Heb je een guilty pleasure?
Een halve avocado in één mooie beweging met een lepel uit de schil halen.

Binnen of buiten de lijnen kleuren?
Erbuiten. Dat is tenslotte wat lijnen doen: ons uitnodigen om erover te gaan.

Wat is jouw band met de Schouwburg van Kortrijk?
Ik deed mijn stage in de Schouwburg tijdens het laatste Spinragfestival: ik maakte onder meer het animatiefilmpje op de gevel tijdens de openingsavond en een grote tekening op de ramen.

Wat is je minst aimabele karaktereigenschap?
Ik kan vreselijk nonchalant zijn. Op een dag vertrok ik zelfs op reis zonder handtas. Ongeveer alles wat belangrijk was zat erin. De uitspraak 'Astrid, jij vergeet nog eens je hoofd!' heb ik al vaak mogen horen.

In welke kleurtint zou de wereld er een pak mooier uitzien?
In het blauw. Dat is grappig want vroeger zat ik op een internaat waar we alleen blauw en wit mochten dragen. Mijn kleerkast hing vol en ik was het helemaal beu. Dat is gelukkig lang geleden en mijn liefde voor blauw staat nu in volle bloei. 

Wat is je ideale tekenmoment?
Ik hou ervan om ‘s ochtends heel vroeg op te staan, koffie te zetten, om daarna mijn tekentafel te versleuren tot ze precies staat waar ik ze die dag wil. Daarna potloden slijpen en verf rangschikken op kleur. Als dat allemaal klaar is, kan ik er helemaal invliegen, om er opnieuw één ontplofte boel van te maken.

Wat heeft de Scouts je geleerd?
Samenwerken. Van onschatbare waarde, lijkt me. Als lid, maar ook als leider kan je niet werken als je niet kunt samenwerken. Eén plus één is drie.

Wat of wie zou je nooit kunnen tekenen?
Karikaturen vind ik heel moeilijk. Wanneer ik een bepaald persoon moet tekenen, valt het meteen op dat ik me enorm focus en dan is de spontaniteit verdwenen.

Welk boek in je boekenkast koester je?
Een postkaartenboekje van Frida Kahlo: ik kocht het in een piepkleine boekenwinkel in Brugge, je kon er amper je voeten naast elkaar plaatsen. Het ruikt zo heerlijk oud en er staan prachtige schilderijen in. Ik zou kunnen zeggen dat ik het koester maar af en toe stuur ik er toch iemand een kaartje uit.

Wanneer is een tekening of grafisch werk voor jou 'af'?
Ik werk heel intuïtief: ik schilder vanuit mijn buikgevoel, dus meestal voel ik het aan als ik moet stoppen. Het is pas echt vervelend als dat gevoel nét vijf seconden te laat komt. Een ‘control Z’  uitvoeren mag ik vergeten.

Kun je het gevoel omschrijven wanneer je iets hebt afgewerkt en je weet dat het 'af' is?
Ik vergelijk het gevoel graag met een bergwandeling. Je weet niet wat er op die top te zien zal zijn maar eens je boven bent weet je zeker dat je op het hoogste punt staat. Je kan 360 graden ronddraaien en alles overzien.

Kun je het nest omschrijven waaruit je komt?
Ik kom uit een heel warm nest. Samen met mijn drie zussen kookten we brandnetelsoep, slopen we door de struiken, zwommen in de visput, klommen in ‘den toren‘ en maakten zelf onze deathride. Fantastische tijden met opmerkelijk weinig beenbreuken.

Waarover kun je verontwaardigd zijn?
Ik kan verontwaardigd zijn als mensen meer energie steken in hun imago op ‘sociale’ media dan voor de vrienden rond en naast hen.

Als je morgen kleurenblind zou worden, hoe zou je daarmee omgaan?
Dat zou ik ontzettend jammer vinden want kleur speelt een belangrijk rol in mijn leven, ook als illustrator. Misschien neem ik dan iemand mee naar de verfwinkel om een tube blauw en witte verf te kopen.